Rise and Fall, Rage and Grace
Robin De Clercq, hier reeds meermaals gepasseerd als gastschrijver, had deze week eindelijk tijd om de nieuwste worp van The Offspring aan een uitgebreide beoordelingsbeurt te onderwerpen. Zijn bevindingen? Wel…
The Offspring – Rise and Fall, Rage and Grace
Gezien ik reeds fan ben van The Offspring sinds iets na de release van Conspiracy of One in 2000, en mijn collectie van de groep inmiddels zowat alles omvat, was het redelijk vanzelfsprekend dat ik het ooit wel eens aan mijn been zou hebben om een review te schrijven over hun nieuwste release, Rise and Fall, Rage and Grace, in Europa verkrijgbaar sinds 16 juni 2008.

Omdat de releasedatum zowat in het midden van de examenperiode viel en daarna Werchter en spoedig de Gentse Feesten volgden, kon ondergetekende niet stante pede aan de beloofde review beginnen. Maar niet gevreesd, bijna twee maand na datum stel ik u met plezier mijn persoonlijke bevindingen voor.
Het dient te worden vermeld dat ik kenner noch kunner ben wat betreft albumreviews, dus als u professioneel reviewmateriaal zoekt, zal u heel misschien wat op uw honger blijven zitten.
4,5 jaar wachten, een record
De Greatest Hits niet meegerekend, was het al van 2003 geleden dat The Offspring nog een album uitbracht. Sinds 2004 begonnen de geruchten over een nieuw album zich te verspreiden, maar nooit tevoren werden ze zo door vertragingen geplaagd. Resultaat: 4,5 jaar wachten, een record.
Veel geluk heeft The Offspring nooit gehad met hun drummers, vroeger niet, nu evenmin. Ten tijde van de opnames voor dit album was Atom Willard nog de drummer, maar wegens contractuele verplichtingen moest Josh Freese het studiodrummen voor zijn rekening nemen. Toen het album vorm begon te krijgen, besloot Atom Willard The Offspring te verlaten, om zich voltijds met Angels & Airwaves te kunnen gaan bezighouden. The Offspring zat alweer even zonder drummer, maar vond vervanging met Pete Parada, die je nu mee op het podium zal zien staan. De andere bandleden, vocalist en gitarist Dexter Holland, bassist Greg K., en gitarist Noodles blijven voorlopig onveranderd, al vond deze laatste het ineens nodig zijn haar enorm lang te laten worden.
Met een knipoog naar punk
Om aan te kondigen dat de komst van het nieuwe album nu wel echt nabij was, deed The Offspring wat inmiddels ontelbare bands hun voordeden, Hammerhead, de eerste single van het nieuwe album, gratis online ter beschikking stellen. Doel van zo’n pre-release is de fans kennis te laten maken met waar het nieuwe album naartoe zal gaan. De trend die destijds met Splinter was gezet, misschien zelfs geïntroduceerd bij Conspiracy of One, bleek zich verder te zetten, het steeds meer verlaten van de punkmuziek en steeds meer in de richting van poprock evolueren. Wat deze eerste single betreft was het duidelijk, poprock met stevige drums en gitaren, met een knipoog naar punk. Zou de rest van het album deze trend volgen? Daarvoor was het wachten op de volledige release.
Enkele luisterbeurten passeerden
De release kwam er en enkele dagen later had ik het nieuwe album in mijn bezit. Enkele luisterbeurten passeerden en het geheel viel zeer in de smaak. De Offspringpunkdagen zouden weldra inderdaad voorbij blijken, maar ik vond dit niet direct een negatief feit.
Opener Half-Truism doet het geheel wel héél kalm starten, met een bijna angstaanjagend rustig pianodeuntje. Gaat The Offspring ballads beginnen maken? Gelukkig niet, een stevige riff en een weldra zingende Dexter bevrijden ons van die vrees. De eerste luisterbeurt maakt al direct duidelijk dat het reffrein als meezinger bedoeld is, en wellicht zullen ze daar op het podium machtig goed in slagen. Veel twee-, drie- tot zelfs vierdubbele vocale tracks, niet zelden met “oooh” op de achtergrond. Het wordt uiteindelijk een serieuze mix tussen snel, traag, rustig, acapella, melodieus, meezingbaar en harder werk. Een goede start.
Trust In You start punkerig. Kunnen ze dat dan toch nog? Blijkbaar. Het hardere en snellere werk, met toch nog een meezingreffrein, maar met een stevige knipoog naar de vroege albums. Er wordt ruimte gelaten aan de instrumenten en eens uitgeluisterd ben ik een tevreden man, The Offspring heeft haar punktoets nog niet verloren.
Een totaal ander muziekje verrast mijn oren bij You’re Gonna Go Far, Kid, maar even later in het reffrein is de gekende Offspringsound terug. Het is een rustiger nummer, soms zelfs dansbaar. Mooi en zeker te pruimen, maar al te veel soortgelijke nummers moeten ze wat mij betreft toch niet gaan maken. Of is dit misschien een lied waarbij de lyrics het belangrijkst zijn? “Dance, fucker, dance”, “Hit ‘em right between the eyes”… Oordeel best zelf eens.
Het is de beurt aan het reeds gekende Hammerhead.

Een zeer aanstekelijk begindeuntje, drums om vingers aan af te likken en een lekkere riff. Eens op dreef is het, zoals ik al zei, poprock met stevige drums en gitaren, met een knipoog naar punk. Gretig opgevuld met “oooh”, meezingbare refreinlyrics, riffs, beats en een break om “U!” tegen te zeggen, was dit wellicht geen slechte keuze voor een pre-release, al maakt Dexter toch wel heel rare stemkronkels bij “I fear no evil, for thou areth with me” en zijn de “oeh oeh” die erop volgen minstens even twijfelachtig.
Weer een pianodeuntje bij A Lot Like Me en iets later een strakke beat, waardoor de eerste dertig seconden klinken als waren ze gemaakt door 65daysofstatic. Een goed opgebouwde intro die teruggeschroefd wordt als de lyrics beginnen. Dit is “de trage”, dat weet je nu al, maar wel een rock-trage, ongetwijfeld met diepzinnige tekst, niet bevestigbaar wegens het ontbreken van een diepgaande studie. Een mooi opgebouwd nummer volgens het klassieke stramien intro – vers – refrein – vers – refrein – break… En hier dooft het nummer ineens uit, wat jammer is, want zo doet het nummer onafgewerkt aan.
Dan maar voldoening zoeken in Takes Me Nowhere. Het blijkt helaas geen echte vernieuwer te zijn, maar des te meer passend in de algemene trend van meezingbare poprock, volgens alweer hetzelfde stramien – structuur, multitracks, ruimte voor de Dexterstem en ruimte voor de instrumenten – en met een punkknipoog.
Kristy, Are You Doing Okay begint met akoestische gitaar en een simpel Dextergezang. Een tweede trage? De eerste minuut doet alvast vermoeden van wel. Wie Kristy is, daar heb ik het raden naar, maar Dexter wil blijkbaar dat ze zich stevig herpakt. De drum houdt zich rustig, alsook de elektrische gitaar en de vocals. De tweede trage is een feit, rustiger dan A Lot Like Me, maar daarom niet minder goed, in tegendeel. Eentje om bij in de zetel mijmerend achteruit te zakken en wat na te denken over de dingen des levens.
Nothingtown begint gelukkig iets steviger. Iets vernieuwender dan Takes Me Nowhere, maar toch ook weer volgens de “albumstandaard”. Te pruimen, maar als je nummer na nummer vernieuwing zoekt, zal je wat op je honger blijven zitten. Dit nummer blijkt wel twee keer een tiental seconden te bevatten voor gloriemomenten voor bassist en gitarist. Leuk, maar niet meer dan dat. En op den duur begint het doorheen de nummers vaak herhaalde truukje van “wooooh” op de achtergrond ook wat tegen te steken. Niet overdrijven, jongens.
Misschien is Stuff Is Messed Up iets nieuws? Leuk begin alvast, beatje en riffje en Dexter die weldra het geheel vervolledigt. De titel blijkt flink opgekuist, want Dexter weet ons te zeggen dat “Shit is fucked up”… Iets om aan de parental advisory te ontsnappen? Oei, blijkbaar waren de woorden op en moeten we het nu even doen met “lalala”. Meezingbaar en zo, maar komaan, jullie hebben toch meer in jullie mars? De tweede vers en refrein zijn een verderzetting van de eersten. En dan nu allemaal samen, “lalalalalaaaa!”. In de instrumentale break heeft Dexter wellicht rap even wat speed gepakt, want in nog geen twaalf seconden slaagt hij er nadien in zowat de helft van de dikke Vandale eruit te spuwen, quasi onverstaanbaar, met de persoonlijke uitzondering van “I don’t care” en “Boobjobs”… Wat de bedoeling precies was weet wellicht niemand, maar je kan tenminste niet meer zeggen dat het niet vernieuwend is. Het nummer komt verder tot een standaard einde, inclusief “lalala”.
Met twee trage nummers hadden de mannen van The Offspring blijkbaar nog geen voldoening, dus Fix You werd een derde, en deze keer écht zacht, doet spontaan terugdenken aan Gone Away vanuit het Ixnay-tijdperk. Persoonlijk vind ik het een zeer mooi nummer, mede dankzij de stem van Dexter in de versen, die eindelijk een ander, innemend geluid produceert, terwijl zijn stemklanken doorheen de rest van het album grotendeels gelijkaardig zijn. Ook hier “oooh” in overvloed, maar deze keer allerminst storend.
We zijn bijna rond met het voorlaatste nummer, Let’s Hear It For Rock Bottom, waarmee we terug het vertrouwde pad bewandelen. Misschien is het vergezocht, en wellicht ook puur toeval, maar de introriff en het refrein van dit nummer lijkt wel heel hard op de laatste halve minuut van Franco Un-American van NOFX, net dat ietsje trager en met andere stem en lyrics, maar voor de rest… Vergelijk gerust zelf. Voor de rest valt er over dit nummer niet veel te melden, leuke track, maar weer geen vernieuwer, iets om na een dozijn luisterbeurten genoeg van te hebben.
Het laatste nummer, Rise And Fall, tevens de helft van de albumtitel, mag wat mij betreft wel een knaller worden, daar hebben we nog eens nood aan. Het stemt me gelukkig om nog eens een punkerige intro te horen. Dexter zorgt er helaas voor dat de stevigheid wat wegsmelt, maar ze blijft nog net overeind, met mijn complimenten voor de muzikanten. Het is weer een beetje het vertrouwde pad bewandelen, maar – en ik kan niet exact thuisbrengen wát – het is toch nog net dat ietsje meer. Een knappe solo is altijd leuk meegenomen, en met hier en daar een Dexterschreeuw, een meezingbaar refrein en drums die meer bieden dan een basisritme, kunnen we dit nog net een waardige afsluiter noemen.
Leuk album, maar…
En daarmee is het hele album overlopen. Een finale conclusie? Daar ben ik zo mogelijk nog slechter in dan in een nummer-na-nummerbespreking. Als je geld genoeg hebt, of als je devoot Offspringfan bent, zou ik je zeggen dat dit album geen miskoop is. Ben je echter fan van het vroege Offspringwerk, of was je niet echt tevreden met de poprocktrend van Splinter, zal je licht teleurgesteld zijn. Ik betreur het me niet dat ik deze muziek in mijn bezit heb, het is in zijn totaal een deftig album, maar soms iets te vol met cliché’s, iets te braaf en te weinig vernieuwend. “Te mainstream”, zouden velen misschien zeggen, niet volledig onterecht. De muziek uit de vroege jaren is nauwelijks nog te bespeuren, dus punk is wat The Offspring betreft, een flinke knipoog hier en daar te na gelaten, op sterven na dood. Maar is dit een slechte zaak? Allerminst, dit is ook leuke muziek, een leuk album maar jammergenoeg geen superknaller. Luister hier kort na elkaar een dozijn keer naar, en je zal het, tenzij je hardcore bent, wellicht rap beugehoord zijn.
Tracklist
- “Half-Truism” – 3:26
- “Trust in You” – 3:09
- “You’re Gonna Go Far, Kid” – 2:58
- “Hammerhead”– 4:38
- “A Lot Like Me” – 4:28
- “Takes Me Nowhere” – 2:59
- “Kristy, Are You Doing Okay?” – 3:42
- “Nothingtown” – 3:29
- “Stuff Is Messed Up” – 3:32
- “Fix You” – 4:19
- “Let’s Hear It for Rock Bottom” – 4:05
- “Rise and Fall” – 2:59
(RDC)
augustus 6, 2008 bij 9:41 am
[...] Meer weten? Dat kan! [...]
augustus 6, 2008 bij 11:25 am
Als iets grotere The Offspring fan dan u kan ik moeilijk anders dan hierop reageren.
Ge vat mijn gevoel bij deze cd wel mooi samen in uw conclusie. Ik ben iets meer fan van hun oudere werk. Op deze cd staan nog wel een paar fijne nummers net zoals op de vorige, maar de kwaliteit van wat het ooit was is ver te zoeken.
Ze zijn zeker niet de eerste band die zoiets doet, so can’t blame them.
Anyway, voor vernieuwing is The Offspring wel geen erg goed adres.